AI en authenticiteit
Dat persoonlijke tekstje op het rapport van je kind, waar je als ouder meteen met je ogen naartoe dwaalt: hoe zou het voelen als ChatGPT dat overneemt? En hoe blij zou je zijn met een liefdesbrief die gemaakt is met AI? Wat vind je ervan als iemand op een condoleancekaart een tekst van ChatGPT schrijft? En hoe reageer je op een AI-sinterklaasgedicht?
Het zijn voorbeelden waarbij de tekst misschien nog best goed kan zijn, terwijl het toch niet fijn voelt als je merkt dat die niet echt van de persoon zelf afkomstig is.
Ik zoek soms naar woorden voor het onderscheid tussen dit type teksten en meer zakelijke berichten, ook om dat met onze kinderen en jongeren te kunnen bespreken. Ik denk namelijk dat het goed is als zij niet alleen leren hoe ze AI kunnen gebruiken, maar ook wanneer ze AI beter kunnen laten liggen.
Ik vond daarvoor een mooie denklijn bij de Italiaanse filosoof Davide Battisti. In een rapporttekstje, een condoleancekaart of een sinterklaasgedicht zoek je vooral iets van de ander. Heeft de leerkracht mijn kind echt gezien? Heeft iemand zelf even bij mijn verdriet stilgestaan? Heeft iemand gezocht naar woorden voor mij?
Met andere woorden: soms geef je in een tekst een stukje van jezelf cadeau. Dan zou AI hooguit moeten helpen bij spelling, formulering of structuur.
Battisti noemt dat second-person authenticity: authenticiteit zoals die wordt ervaren door degene die de tekst ontvangt. De vraag is dan niet alleen of een tekst goed is, maar ook of je de persoon achter de tekst nog herkent. Als die authenticiteit niet wordt ervaren, kan dat volgens Battisti het vertrouwen beschadigen.
Ik denk dat dit in het kerkelijk leven op veel plekken net zo goed geldt. Ook daar zijn er woorden die niet alleen inhoudelijk moeten kloppen, maar waarin iemand zelf aanwezig hoort te zijn.
Kortom: is het stukje ‘jou’ in een tekst nu juist het cadeau? Schrijf het dan maar lekker zelf.